Hoeveel zonnepanelen passen erop — en wat komt eruit?

Kennisbank · 7 min lezen · door Derk Groenier, dakdekker · bijgewerkt 9 aug 2026

Elke zonnepanelen-offerte draait om drie vragen: hoeveel panelen passen er op het dak, hoe komen ze te liggen, en wat levert dat per jaar op? Wie die drie kan beantwoorden vóór het eerste bezoek, maakt snellere en betere offertes. Zo reken je het uit.

Stap 1: de ruimte — hoeveel passen er?

Een gangbaar woningpaneel meet ongeveer 1,15 × 1,75 meter: afgerond 2 m² per paneel. Maar je kunt een dakvlak nooit volledig beleggen:

Voorbeeld: een rijtjeshuis-dakvlak van 6 m breed en 5 m schuine diepte is 30 m². Na aftrek van randen en een dakraam blijven zo'n 20–24 m² over: 10 à 12 panelen.

Stap 2: windrichting en helling — wat kost de oriëntatie?

De opbrengst hangt sterk af van de kant die het dak op kijkt en de hellingshoek. Pal zuid met een helling van 30–40° is in Nederland het optimum; alles daaromheen lever je een percentage in:

Oriëntatie (bij 30–40° helling)Opbrengst t.o.v. optimum
Zuid100%
Zuidoost / zuidwest±95%
Oost of west±85%
Oost-west op plat dak (10–15°)±85–90%
Noord (steil dak)±60–70% — meestal afraden

Twee nuances uit de praktijk: bij lage hellingen (onder de 20°) wordt het verschil tussen de windrichtingen veel kleiner — een noordvlak met flauwe helling kan dan nog verrassend redelijk presteren. En een oost-westdak levert weliswaar minder piek, maar spreidt de productie mooi over ochtend en avond — precies wanneer een huishouden stroom gebruikt. De exacte helling van een dakvlak bepalen? Zie dakhelling berekenen.

Stap 3: het rendement — wat komt eruit?

In Nederland levert een goed gelegen installatie ongeveer 900–950 kWh per kWp per jaar; aan de kust ligt de instraling zo'n tien procent hoger dan in het binnenland. De rekensom voor een offerte:

jaaropbrengst ≈ aantal panelen × wattpiek × oriëntatiefactor × 0,9–0,95 kWh/Wp

Voorbeeld: 12 panelen van 440 Wp = 5,3 kWp, oost-west gelegd (±87%): 5,3 × 0,87 × 925 ≈ 4.250 kWh per jaar. Panelen verliezen daarnaast jaarlijks een fractie van hun vermogen (orde een half procent per jaar) — na 25 jaar produceert een installatie doorgaans nog ruim 85% van nieuw.

Let op: salderen stopt per 2027

De financiële kant verandert: de salderingsregeling stopt per 1 januari 2027. In 2026 wordt teruggeleverde stroom nog volledig weggestreept tegen verbruik; daarna krijg je voor teruglevering een lagere vergoeding van je energieleverancier. De opbrengst in kilowatturen verandert daar niet door — wél wordt eigen verbruik belangrijker: stroom direct gebruiken (of opslaan) levert meer op dan terugleveren. Voor de vakman betekent het vooral een eerlijker adviesgesprek: dimensioneer op het verbruik van de bewoner in plaats van elk vrij vlak vol te leggen.

Slim bij een plat dak: witte dakbedekking onder de panelen

Zonnepanelen houden niet van hitte: hoe warmer de cel, hoe minder stroom er uitkomt. En juist dáár kan het dak zelf helpen. Een zwart bitumen dak kan op een zomerdag aan het oppervlak tientallen graden heter worden dan een witte of lichtgekleurde dakbedekking — wit reflecteert de zon in plaats van hem op te slaan. Panelen boven een koeler dak blijven zelf ook koeler en leveren op warme dagen daardoor merkbaar meer op; bifaciale panelen (die ook aan de achterkant licht opvangen) profiteren dubbel, omdat het witte vlak licht naar de onderzijde weerkaatst.

Het slimme moment is de combinatie: wie tóch de dakbedekking vernieuwt vóórdat de panelen erop gaan, kan net zo goed direct voor wit mineraal bitumen of een lichte kunststof baan kiezen — het kost nauwelijks meer en de installatie erboven presteert er elke zomer beter door. Zie ook de dakbedekkingssoorten voor het platte dak.

Eerst het dak, dan de panelen

Panelen gaan zo'n 25 jaar mee — de dakbedekking eronder moet dat dus ook nog kunnen. Panelen leggen op een dak dat over vijf jaar aan renovatie toe is, is een dure vergissing: voor de dakwerkzaamheden moeten de panelen eraf en er weer op, en die de- en hermontage moet door de installerende partij gebeuren in verband met de garantie op panelen, omvormer en montagesysteem. Reken daarvoor al gauw op honderden tot ruim duizend euro, plus het productieverlies tijdens de klus. Laat daarom vóór het plaatsen een dakinspectie doen: is het dak binnen tien jaar aan vervanging toe, renoveer dan eerst en leg dáárna de panelen. Eén keer goed is twee keer goedkoop.

Van schatting naar legplan

Klopt de schatting en wil de klant door? Dan volgen de indeling met no-go-zones en ballast (legplan maken) en de bevestiging tegen windbelasting (verankering van daksystemen). Zo wordt een vlotte eerste rekensom een installatie die er over 25 jaar nog ligt.

IN ONTWIKKELING · DAKMETER PRO

Van schatting naar exact legplan

Deze richtwaarden geven een orde van grootte. DakMeter Pro rekent het exact uit per dakvlak — met de gemeten helling en oriëntatie, de panelen ingetekend op de luchtfoto en de opbrengst per opstelling.

Bekijk DakMeter Pro →

Wil je het voor een concreet adres uitrekenen — met de werkelijke vorm van elk dakvlak, de schaduw van de buren en de bomen erbij? Dat doet DakMeter in dertig seconden.

Dakoppervlakte nodig? Meet elk dak in 2 minuten.

Typ een adres in en DakMeter geeft direct de m² per dakvlak, de helling en de goot- en noklengtes — zonder ladder. 2 metingen gratis.

Meet je dak gratis →