Zonnepanelen legplan maken: zo haal je eruit wat erin zit
Een goed legplan bepaalt hoeveel panelen er werkelijk op een dak passen, waar ze mogen liggen en wat de opbrengst wordt. Dit zijn de regels en vuistregels voor plat en hellend dak.
Plat dak: eerst de no-go-zone
Langs de dakrand geldt een strook waar je geen panelen legt: daar zijn windzuiging en turbulentie het hoogst. Een veelgebruikte vuistregel om die strook te bepalen:
- Is de gebouwbreedte kleiner dan 2× de gebouwhoogte → randzone = 0,08 × breedte
- Is de gebouwbreedte groter dan 2× de gebouwhoogte → randzone = 0,16 × hoogte
Voorbeeld: woning van 9 m breed en 5 m hoog → 9 < 2×5, dus randzone 0,08 × 9 = 0,72 m rondom vrijhouden. Wil je bovendien vergunningsvrij blijven, houd dan minimaal de afstand aan die gelijk is aan de hoogte van het paneel zelf — de officiële voorwaarden staan bij het Informatiepunt Leefomgeving. Het formele kader voor zonnepanelen op gebouwen is NEN 7250.
Plat dak: zuid of oost-west?
- Zuid-opstelling: hoogste opbrengst per paneel, maar rijen hebben onderlinge afstand nodig tegen schaduw — je verliest dakvlak.
- Oost-west-opstelling: panelen ruggelings tegen elkaar, vrijwel het hele vlak benut, vlakkere hellingshoek, minder ballast per paneel en een gelijkmatiger opbrengst over de dag. Op de meeste platte daken tegenwoordig de standaard.
Check bij ballastsystemen altijd of de dakconstructie het totale gewicht kan dragen (paneel + frame + ballast), en of de dakbedekking beschermd wordt tegen de drukpunten. Bij twijfel: constructeur. Zie ook hoe daksystemen verankerd worden.
Twee dingen om in het plan mee te nemen vóór er ook maar één frame staat: de staat van de dakbedekking (panelen op een dak dat bijna aan renovatie toe is betekent later kostbaar de- en hermonteren via de installateur — laat eerst een dakinspectie doen) en de kleur van de dakbedekking: een witte of lichte baan houdt dak én panelen koeler, wat op warme dagen extra opbrengst geeft — waarom dat werkt lees je bij hoeveel zonnepanelen op je dak.
Hellend dak: passen en meten
- Bepaal per dakvlak de beschikbare breedte en schuine hoogte — en de dakhelling en oriëntatie.
- Teken de obstakels in: dakramen, dakkapellen, schoorstenen, ontluchtingen — plus hun schaduw. Eén beschaduwd paneel drukt zonder optimizers de hele string.
- Houd afstand tot dakranden, nok en goot volgens de montagehandleiding.
- Pas de panelen in, staand (portret) of liggend (landschap) — vaak wint een mix. Controleer de paneelmaat van jouw leverancier; formaten verschillen per merk en jaar.
Wat een compleet legplan bevat
- Dakafmetingen per vlak, helling en oriëntatie
- Obstakels + schaduwanalyse
- Randzones/no-go-zones ingetekend
- Aantal panelen, opstelling en omvormer/string-indeling
- Bij plat dak: ballastberekening per zone
Legplan automatisch op de luchtfoto
DakMeter Pro past de panelen automatisch in op elk dakvlak met de juiste randzones, en geeft aantal, kWp en opbrengstindicatie — ingetekend op dezelfde luchtfoto als je meting.
Bekijk DakMeter Pro →Zelf een legplan draaien op een adres, inclusief de schaduw van buurpanden en bomen? Dat kan met DakMeter. Meer over schaduw lees je in schaduw op zonnepanelen berekenen.
Typ een adres in en DakMeter geeft direct de m² per dakvlak, de helling en de goot- en noklengtes — zonder ladder. 2 metingen gratis.
Meet je dak gratis →